Historie van sloten

Voor de tijd van sloten werden kostbare zaken al verstopt in de aarde, in grotten of in holle bomen. Waarschijnlijk maakten de Akkadiërs reeds in de 24e eeuw voor Christus al gebruik van een grendelslot. Volgens oude beschrijvingen werden in Egypte sloten gebruikt om opslagplaatsen af te sluiten. De sleutels werden van hout gemaakt en waren zo groot dat ze op de rug werden gedragen. Ook in China werden waarschijnlijk in die tijd al sloten gebruikt, maar daar zijn geen voorbeelden van teruggevonden.

Metalen sloten uit de Romeinse tijd

Rond de tijd van de oude Grieken en Romeinen werden metalen als brons en ijzer gebruikt om sloten van te maken. De sloten waren veel kleiner dan in de Egyptische tijd gemaakt werden. Daardoor konden de sloten ook voor het afsluiten van kasten en kisten gebruikt worden. Naast het afsluiten werden sleutels ook gebruikt als sieraad, het was in die tijd ook een statussymbool.

Het moderne slot

Een slot met sleutel die je draait stamt al uit de Romeinse tijd en is nagenoeg onveranderd gebleven. Het sleutelgat heeft een unieke vorm met de sleutel die in deze vorm past, we noemen dit ook wel een bontebaardsleutel. Tegenwoordig wordt het stiftcilinderslot het meeste toegepast, dit ontwerp werd in 1844 gepatenteerd met een verbeterde versie die volgde in 1861.